|
VAN DE CATEGORIEËN II EN III |
|
|
|
|
|
|
| Art. 22.
1. Het is verboden een wapen of munitie van de categorieën II en III te vervoeren zonder vergunning dan wel verlof tot vervoer. 2. Het eerste lid is niet van toepassing op hem die een wapen dat hij gerechtigd is te dragen, alsmede de daarbij behorende munitie, vervoert. 3. Onze Minister
kan bij regeling vrijstelling van het verbod van het eerste lid verlenen.
1. Een vergunning wordt verleend door de korpschef in de plaats waar het vervoer een aanvang neemt of waar de aanvrager is gevestigd indien: a. de aanvrager is erkend overeenkomstig artikel 9 en de erkenning betrekking heeft op de te vervoeren soorten wapens en munitie; b. de aanvrager de door Onze Minister vastgestelde gegevens heeft overgelegd. 2. Het eerste lid
is van overeenkomstige toepassing op hen die overeenkomstig
artikel
4 van de bijlage van de Benelux-Overeenkomst inzake wapens en munitie,
in België of Luxemburg zijn erkend.
Een verlof wordt, uitsluitend voor wapens en munitie van categorie III, verleend door de korpschef in de plaats waar het vervoer een aanvang neemt of waar de aanvrager is gevestigd indien: a. de aanvrager gerechtigd is het wapen of de munitie voorhanden te hebben; b. de aanvrager de
door Onze Minister vastgestelde gegevens heeft overgelegd.
1. Een vergunning of een verlof wordt door de korpschef die het heeft verleend of door Onze Minister ingetrokken indien: a. onjuiste gegevens zijn verstrekt die hebben geleid tot verlening van de vergunning of het verlof; b. misbruik plaatsvindt van de vergunning of het verlof dan wel van wapens of munitie; c. de erkenning van de houder van de vergunning verloopt of wordt ingetrokken; d. de houder van het verlof niet meer gerechtigd is het wapen of de munitie voorhanden te hebben. 2. Indien Onze Minister
een vergunning of een verlof intrekt, doet hij daarvan onverwijld
|
|
|
|
|